12 ODE AAN HET DRAMA!

dramaqueen

Wat mij persoonlijk eigenlijk het meest heeft tegengehouden in mijn eigen proces, is mijn veroordeling op ‘DRAMA’.
Het fenomeen kreeg over het algemeen toch een niet zo positieve klank mee.
Mensen die hierin schoten, moesten daar vooral vlug weer, liefst op eigen kracht, zo flink mogelijk leren uitstappen.
Soort van; “get yourself together first, lady’.

Tijdens mijn opleiding tot energetisch coach, werd in feite geleerd om drama niet te voeden bij de ander. Vanuit mijn eigen ervaring in lotgenoten groepjes, waar mensen elkaars slachtofferschap lekker in stand hielden door elkaars drama steeds te blijven aanwakkeren, begreep ik deze insteek zeer goed.

Maar voor mij resulteerde deze tactiek eigenlijk in hetzelfde: Ik ervoer bijvoorbeeld dat ik door een opleidingssituatie of vraag getriggerd werd, waardoor ik voelde dat ik in mijn drama schoot. vervolgens werd daar een soort van ‘niet-op-in-gegaan’. Het kleine meisje Willemijn in mij voelde zich hierdoor totaal in de kou gezet en afgewezen. Dit resulteerde bij mij in het dan maar weer wegslikken van mijn emoties en een binnerstem die zei: ‘Pull yourself together lady’. In feite steeds een herhaling van hoe ik dat beleefde toen ik kind was. Met als gevolg dat mijn reeds grijsgedraaide langspeelplaat van ‘stel je niet zo aan Willy-Brorth!’ alleen nog maar weer harder begon te schallen. Met onderdrukking, ontkenning en schuldgevoel als resultaat.

‘Ik mag geen slachtofferzijn, ik mag geen slachtoffer zijn, ik mag geen slachtoffer zijn’ herhaalde zich streng in mijn hoofd.
Ik had de mindset, dat je, als je in je drama schoot, slachtoffer was van de situatie en dat was niet ok. Daar moest je zo snel mogelijk weer uit, want met drama viel immers niet te werken had ik begrepen.
Tot op zekere hoogte ook mee eens. Wanneer ik midden in mijn drama schiet, valt er even niet echt ‘redelijk’ met mij te praten.

Maar ik merk hier toch graag een belangrijk verschil op: Bovenstaande leidde in mijn geval tot voortzetting van mijn aloude en bekende overlevingspatroontje: Ik slik de pijn weg, ontken wat er werkelijk bij mij speelt en zet mijn schouders er weer onder. En die knop gaat bij mij lekker gesmeerd hoor. ‘U vraagt, wij draaien: Hopsa, niks meer aan de hand hoor! traantjes weg, adem weer onder controle nemen, een grapje maken en weer verder lachen!”

Wat levert dit op?

In oorlogssituaties enorm veel. Dan is het super handig dat je dit kan. Prachtige eigenschap om mee te overleven.Maar als je het mij vraagt zeker niet de modus om in te helen of te transformeren…

Je kan ook even uitrazen/ventileren/luchten in je drama en vervolgens terugblikken op wat er gebeurde en dit als het ware gaan ontrafelen. (groepen waarin drama enkel gevoed wordt, stoppen meestal na de 1e stap. dan verandert er ook meestal niet heel veel naar mijn idee)
Eigenlijk zou ik het nog scherper willen stellen: Ik zou het drama nu juist opzoeken, omdat ik weet dat daar ontzettend veel sleutelmomenten, afslagen, inzichten en handvatten verborgen liggen, die jou je volgende stap in je proces kunnen aanreiken!
Vandaar mijn titel: ODE AAN HET DRAMA

Ik denk dat veel kinderen uit een disfunctioneel huishouden gewend of geneigd zijn, hun drama vooral in te slikken en de schouders er maar weer onder te zetten, of mooi weer te spelen. Komen weer de thema’s schaamte/schuld/loyaliteit om de hoek kijken…

Wie kent het niet…

Het moment dat ik van binnen besloot om ‘schijt’ te hebben aan iedereen die mij zou veroordelen op mijn drama, ben ik gaan delen en is er een soort stop ergens uitgetrokken, waardoor de boel ineens weer kon gaan stromen. Ik kan het lastig benoemen.. Het voelt alsof er eindelijk een soort ingehouden afgewogen, berekenende afgemetenheid over boord is geslagen. Ook helderheid in mijn hoofd, over mijn werk, over mijn vrienden, over mijn rol als moeder. Alsof ik ineens een stukje kennis, dat ik in feite allang bezat, nu eindelijk ‘mag’ gebruiken. Alsof ik mezelf  een stukje verloren zelf weer heb teruggegeven.

Het woord ‘mogen’ is essentieel denk ik. het gaat over toestaan, over erkenning van hoe het met je is…
Wat is drama eigenlijk?
Een melange van onderstaande:
1: er wordt een kindbeeld (herinnering) getriggerd
2. je voelt je niet gezien/gehoord
3. er zit emotie op
4. er zit een oordeel op
Wanneer je deze elementen kan uitpluizen, ontrafelen en inzichtelijk of bewust kan maken, dan is dat een route door en uit het drama, Tegelijkertijd met het ontrafelen, kom je onwijs veel van je eigen patroontjes tegen, waardoor je super veel inzichten in jezelf kan krijgen, die weer bijdragen aan jouw eigen groeiproces!

Van hieruit zou ik dus vooral ruimte willen geven aan drama, om er vervolgens op in te zoomen en het verder uit te werken.
Naar mijn idee blijf je anders gewoon slachtoffer in je eigen drama, maar heb je het keurig onder het vloerkleedje geschoven.
Omdat je in feite niet wil zijn die je op dit moment bent.
Omdat je niet erkent wat er oprecht in je leeft.
En voor sommigen van ons misschien zelfs wel omdat ze onbewust een gehechtheid aan slachtofferschap hebben, vanuit angst om echt volop te gaan slagen in het leven!

Hoe ervaren jullie drama en hoe werkt het voor jullie?

lof
Willemijn

11 BEWUST LEVEN OF VERKRAMPT STREVEN?

weegschaal

Als kind heb ik vaak meegekregen dat het overgrote deel van de wereldbevolking, verwerpelijk, dom, burgerlijk, incapabel en slecht is.
De kapper verknipt je haar voor veel te duur, wij krijgen te weinig, de bakker bakt de broodjes altijd te zoet, de tandarts snapt zelf niet wat ie aan het doen is, slagers zijn verbloemde psychopaten, artsen zijn huichelaars, mensen achter een loket maken je het leven zuur, kakkers zijn geldwolven, zakenmannen afzetters, ambtenaren burgertrutten, fietsmakers prutsers eersteklas en de conducteur is een controle-rat. 

Maar wat krijg je hierdoor als kind voor wereldbeeld mee?
Het veroorzaakt ISOLATIE vanuit  AFKEURING en ANGST


Vanuit volwassen perspectief kan ik best in een aantal dingen meekomen, maar wat moet een kind hiermee? Ik was op den duur bang en achterdochtig voor alles en iedereen! Elke potentiële handreiking, promotie, vaste baan, aanmoediging, dagschotel, transactie, feedback, beloning, vraag, vacature, goede raad of ondersteuning was blijkbaar per definitie van belabberde kwaliteit, maar tevens een gevaar tot genaaid worden waar ik zelf bijstond. Dit heeft mij vooral geleerd te allen tijden onder de radar te blijven vliegen. Net hoog genoeg om niet neer te storten, maar niet zo hoog dat ik getraceerd kon worden. Je kan je er misschien bij voorstellen dat dit geen ‘vrij’ gevoel geeft. De wereld is slecht en daar moet je vooral niet bij willen horen en dus zeker geen deel van uitmaken!

Dit heeft mij aan het denken gezet, vooral met betrekking tot het opvoeden van mijn kinderen. Zelf heb ik bijvoorbeeld best veel kritiek op de huidige maatschappij en betrap ik mezelf regelmatig op het veroordelen van mensen die een andere smaak, overtuiging of leefwijze hebben als ik. Laat ik mijn kinderen hierin hun eigen styl vormen, kauw ik deze voor, probeer ik hierin subtiel bij te sturen of leg ik die van mezelf aan ze op?

Hoogst waarschijnlijk van alles wat.

Wel ben ik me, vanuit eigen ervaring, bewust geworden van, dat het in grote mate voeden van negatieve overtuigingen, een kind angstig en onvrij maakt op den duur. Aanvankelijk lijkt het misschien houvast en richtlijn te geven, maar in feite wordt hierdoor de eigen bewegingsvrijheid, ervaring en ontwikkeling belemmerd. Hoe meer wij als ‘not-done’ beleven, des te kleiner onze ruimte om nog zelf op verkenning uit te gaan.

Wow, toen ik hier met mezelf mee aan de slag ging, kwam ik toch achter een bak vol negatieve overtuigingen! Echt shocking vond ik dat, al die veroordelingen op van alles en nog wat. Het regende de hele dag aan oordelen door. van schuin inslaande pijpenstelen tot bijna onmerkbare motregen. En dit droeg ik dus allemaal aan onbewuste ballast me me mee al die tijd. En gaf ik dus vrolijk door aan mijn kroost ook.

Even voor de gein.

Lees onderstaande riedel, en bekijk eerlijk met hoeveel jij het eens bent. Iedere  ‘ja’ levert 1 punt op. Als je juist het tegendeel vindt krijg je ook een punt:

Cola is gelijk aan accu-zuur, in elk gerecht op de menukaart zit E621 en daar ga je dood aan, ik verafschuw plof-kip, ik ben geen meeloper, dus doe niet mee aan de (veel te dure) mode, fluoride is gif puur-sang, ik ben geen suikerjunkie, in ALLES zit suiker!, mensen die een face-lift doen hebben een zelfcomplex, ik ondersteun de bio-industrie niet, alles uit Amerika stinkt naar corruptie, de huisarts verdient enkel geld aan ons en houdt ons daarom stiekem ziek, aspartaam is nog veel erger, de hele politiek liegt ons maar wat voor, nylon kleding werkt verstikkend, de media is één grote fake-bende, wasmiddel ruikt veel te chemisch, global warming is een fars, siliconen implantaten lekken, chem-trails doen ons langzaam de das om, het hele onderwijssysteem deugt niet, nagelak is gif, heel veel geld verdienen is gierig, van zonnebrand krijg je kanker,  melk is voor kalveren en niet voor mensen, anti-biotica is uit den boze, alle huren zijn te hoog, wasmiddel ruikt veel te chemisch, gluten maken van je darmen een geperforeerde plak-spons en eigenlijk zijn alle granen als voedsel voor de armen bedacht; puur om te vullen, niet om te voeden. (En dan hebben we het hier over de positieve overtuigingen nog eventjes maar niet gehad 😉 )

En? Wat was je score? Hoe hoger je score, des te bewuster je leeft meen ik te beweren. En, is dat geen schouderklopje waard?

Maar nu. Bedenk je nu eens (weer voor de gein) dat je met je kind, of dat van iemand anders, een dagje gezellig naar het strand gaat. Laten we zeggen Zandvoort aan Zee. Hoogseizoen, lekker druk dus. En stel je ook eens voor dat jij bij alles waar je een negatieve overtuiging op hebt zitten (wat voorbij komt uit bovengenoemd lijstje) keihard ‘NEE’roept. Wat voor een dag vermoed je dat dit gaat worden? Hoe vrij zal het kind zich voelen?

Kan je nagaan hoe vast dat zet… En dat is ook wat ik merendeels onbewust gewoon doorpaas aan mijn kids. Gun ik ze dat? Nee.

Werk aan de winkel dus 🙂

Ik zeg zeker niet dat je dan dus maar alles moet doen waar je niet achter staat of klakkeloos moet eten wat je voorgeschoteld krijgt. Maar ik heb wel het idee dat er verschillende wegen zijn die naar Rome leiden. Wat is nu eigenlijk het verschil tussen  een  bewust en vrij levend wezen en een verkrampt mens geïndoctrineerd met de zogenaamde ‘juiste’ overtuigingen?

Het onderzoeken waard leek mij…

Veroordelingen en vaste overtuigingen geven een schijnveiligheid, maar kunnen tevens je beweging totaal verlammen denk ik. Wanneer je de uitdaging weer begint te ruiken om de verschillende perspectieven opnieuw te gaan bekijken, dan kan je weer gaan spelen, gaan dansen, gaan leren, dingen in perspectief gaan zien, gaan groeien en gaan lachen, ook terwijl je de zeven kleuren reeds in je broek voelt, hahaha!

Lof

Willemijn

10 TOESCHOUWER VAN EIGEN FILM

film

Herkennen jullie dat?
Dat er anekdotes in je hoofd zitten, die steeds weer de revue passeren. Deze verhalen geven een indicatie van hoe jij je daarbij gevoeld zou kunnen/moeten/horen hebben als kind, maar eigenlijk voel je het niet? Waarom niet? omdat daar iets tussen zit…
Wat zit daar dan tussen?
Zelfbescherming.

Hierdoor blijven de verhalen achter als slechte film in ons hoofd, zonder dat wij echt durven/kunnen/willen voelen wat daarachter zit. Daarachter zit vaak een pijnlijk soort van leeg gat… een in de steek gelaten gevoel…schaamte…afwijzing tot op het bot… emoties die je als kind op dat moment had, (of wat normaal was om gehad te hebben) maar waar geen ruimte voor was.

Zo herinner ik me bijvoorbeeld, dat degene waar ik toen bij woonde, de inhoud van mijn kamer de trap in het trappenhuis van de flat waar wij woonden begon af te gooien. Matras, kleding, spulletjes… En in feite mij erbij. Boem; Deur dicht…
Zoek het maar uit. rot maar op naar je vader of zo!

Ik was toen 9 of 10 jaar oud.

Dit is ergens een absurd verhaal. Grotesk bijna. Maar in mijn realiteit ‘normaal’. Zou het goed doen, op feestjes en partijen (als er niet zo veel schaamte op had gezeten en ik ze verteld zou hebben). Ook geeft het wel inzicht op hoe ‘geflipt’ sommige mensen kunnen reageren.

Aan de andere kant: als ik inzoom op de film die ik zie en mijzelf verplaats in het meisje dat ik toen was…
Wanneer ik mij voorstel dat ik dat met mijn kinderen zou doen…
En dat ik mij realiseer dat op dit soort ‘akkefietjes’ nooit terug werd gekomen, niet over werd gesproken, geen reflecterend of goedmakend gesprek, geen excuses of uitleg…
Dan kan ik daar echt zo’n RAUW en SCHRAAL gevoel over voelen. ik word er bijna onwel van!
Het kleine meisje Willemijn voelt zich hier volkomen waardeloos, weggegooid, afgekeurd, overbodige ballast, afgewezen en uitgekotst!
Dit draagt alles behalve bij aan een gezond en positief zelfbeeld.

En zo heb ik denk ik wel een boek vol aan vergelijkbare herinneringen en waarschijnlijk jullie net zo goed!

Al dit soort herinneringen waren lange tijd toch ergens nog steeds sluimerend aanwezig in mijn onderbewustzijn, waardoor ik eigenlijk standaard rondliep met een gevoel van ‘niet -ok- zijn’.

En vanuit dit gevoel van ‘niet-ok’zijn, creëerde ik mijn werkelijkheid…

Het hielp mij, in mijn helingsproces, om in te tunen op de kleine Willemijn, die getuige was van al deze idiotie. en me nu voor te stellen hoe zij zich toen gevoeld moest hebben. Mijn kinderen hielpen ook daarbij, omdat ik daar een moedergevoel voor heb dat onvoorwaardelijk is en overal doorheen gaat.
Op die manier leerde ik steeds beter te begrijpen en erkennen hoe zij zich gevoeld moet hebben, waardoor ik stapje voor stapje weer wat meer in contact kwam met mijn eigen weggedrukte emoties van toen.
Het is niet zo, dat ik de oude emoties wil oprakelen om vooral maar te zwelgen in het drama, maar juist om er bestaansrecht (h)erkenning aan te geven. om dat kleine meisje Willemijn, die zich niet gezien of gehoord voelde, met terugwerkende kracht alsnog te zien en te horen, in wat zij allemaal meemaakte.
Ik heb jaren lang tevergeefs geprobeerd om deze erkenning bij de ander te halen, maar besef mij nu, na vele tevergeefse pogingen, dat het zo niet werkt. de enige die dit kan geven aan mezelf ben ik zelf!
(al moet ik zeggen: Ik praat hier sinds kort met mijn broer over en dat helpt ook

Ik wil dit graag met jullie delen, omdat daar wat mij betreft enorm veel te helen en te halen valt in jezelf.

Ook ben ik benieuwd naar hoe jullie dat hebben ervaren. zowel toen als nu…

Lof

9 WAAR ZIJN WIL WET IS, BOUW IK MIJN STRAFBLAD OP

hart
Mijn eerste stiefvader was een driftkikker. Als hij mij de wet voorschreef was deze onherroepelijk en bindend.
“…Het was tijd om naar school te gaan, maar ik had een worsteling met aankleden. Daar lag de wollen trui. Ik meen mij te herinneren dat ik die van iemand gekregen had. Er zat ook een kol op. Zo’n alles verstikkende koker, die je om je nek greep en nooit meer losliet. Het was de bedoeling dat ik deze zou aantrekken, maar dat lukte niet, want hij kriebelde. Ik weet nog dat ik het probeerde en dat er een gevecht ontstond. Ik zat voor mijn gevoel vast in die kriebelige en verstikkende dwangbuis. Ik raakte in paniek en wilde dat ding zo snel mogelijk uit, maar dat lukte niet, want hij vond dat ik me niet zo moest aanstellen en hield me tegen. Hij vond dat ik die trui gewoon aan moest trekken en me niet zo moest aanstellen, maar ik vond van niet, want de trui verstikte mij. Hoe hoger de onenigheid opliep, hoe sterker ik op mijn strepen ging staan. Ik wilde die trui uit! Het werd een luidruchtige scene. Op een goed moment was mijn stiefvader het zo zat, dat hij me bij kop en kont pakte en krijsend in de achterbak van zijn auto bonjourde. Ik had geen kleren aan. Zo reden we naar school…”
Behalve lamswol met iets eronder, kan ik nog steeds niet tegen wol. Sterker nog, als ik een wollen tui aantrek of wollen das omdoe, dan raak ik van binnen in een lichte paniek; alsof mij de strot wordt dichtgeknepen.
Zijn opvoedkundige tactieken waren er geen van praten, voelen of luisteren, maar van kop dicht en niet zeiken. Dit heeft mijn zelfbeeld behoorlijk verkloot door de jaren heen.
Wat gebeurt hier?
Naar mijn idee bouwde ik door dit soort ‘akkefietjes’ gaande weg een steeds groter wordend strafblad op. Wanneer ik zijn regel overtrad, moest ik daarvoor boeten. Hij douwde kostte wat kost zijn zin door en ik had het nakijken. Omdat zijn manier er eentje was van ‘korte metten maken met’, voelde ik mij vaak beschaamd. Eigenlijk word je steeds overruled door andermans wil. Wat jij wilt is niet belangrijk genoeg. Sterker nog; het is fout.
Door dit denkbeeldige strafblad dat ik opbouwde, had ik het gevoel steeds achter te lopen en steeds iets te moeten goed maken of compenseren. Ik stond immers bij de ander in het krijt. Tegelijkertijd leverde dit een innerlijk conflict op, omdat ik voor mijn eigen gevoel helemaal niet bij hem in het krijt stond! Maar vanuit een verlangen naar harmonie moffelde ik gaandeweg mijn eigen wil wat weg en richtte ik me steeds meer op de ander, vanuit de underdog positie. (A co-dependent is born here! 😉 )
En dit strafblad werd gaandeweg mijn leven langer en langer. Op den duur mocht iedere oetlul die langskwam er ronduit op bijschrijven. De turfjes die bij elke overtreding werden gekrast, kerfden een groef, steeds dieper in mijn waarheid. Hierdoor werd mijn in te moeten halen achterstand op de anderen groter en groter…
“…Totdat ik aansluiting met het peloton verloor.
Dapper draafde ik door in mijn uppie. Toen ik de laatste man uit het oog was verloren, was ik volkomen spoorloos. Ik had mijn eigen kompas niet bij, want de kopgroep was mijn kompas geweest. Ik had me op de voorsten gericht en iedere stap nauwlettend gevolgd. Verwilderd als natgeregende kat heb ik jaren door de straten van de stad gedraafd, opzoek naar de kopgroep. Of dan ten minste nog de laatste man alsjeblieft… Of desnoods de bezemwagen…
Ik wist van geen ophouden en mijn conditie was aanvankelijk groot, dus dit heeft lang geduurd. Na een slopende strijd ben ik tenslotte door mijn hoeven gezakt op het asvalt. Met mijn strafblad nog altijd stevig onder de arm geklemd. Daar, midden op de weg, heb ik mijn dossier geopend. Blaadje voor blaadje ben ik gaan lezen wat de aanklachten tegen mij waren geweest en welke straffen ik hiervoor had moeten uitzitten of ondergaan. Tegen de achtergrond van mijn zogenaamde wangedrag, tekende zich gaandeweg mijn eigen tegenbeweging weer helder af. Mijn persoonlijke opstand, mijn zelfgebakken recalcitrantie, mijn oprechte verzet, mijn eigen kleine revolutie!…”
Een memorabel moment uit ‘Op reis terug naar mij’. Mijn eigen grond, mijn eigen waar(d)heid en mijn eigen kompas.
HOE LANG IS JOUW STRAFBLAD?
Meer reisverhalen lezen? Neem een kijkje op mijn site en volg mijn blog
Lof
Willemijntenvelden.com

8 MIJN EIGEN VEILIGE STINKHUT

knoflookjes

Toen ik een jaar of 7 was, werkte mijn moeder in Café ‘Het Melkwoud’.. Ik had daar mijn hut onder de bar. Dat vond ik niet alleen erg stoer, ik had daar ook mijn schuilplaats, voor als de deuren van het cafe open gingen en de enge meneren binnenkwamen. Ik mocht meestal zand strooien op de houten vloer. Dit rook naar een echte oude stinkgrond, en het werd heel mooi met dat witte zand erover. (als ik nu in een cafe kom, waar het ook naar schraal bier en peuken ruikt, ruik ik direct de geur van dat zand en voel ik mijn hand in die zak graven.)  Als verdienste kreeg ik dan een gulden om te flipperen. Als de deuren open gingen, was ik snel uitgespeeld en zocht ik dekking in mijn hut. Tussen de grijze vaten en de prullenbak. Het stonk naar knoflook in mijn hut. Dat kwam, omdat er vaak een vreemde man langskwam, die mij steeds een teentje gaf. Hij vertelde dan, dat je heel gezond en oud zou worden, als je iedere dag een vers teentje knoflook at. Ik had een heel klein hapje genomen, maar vond het veel te scherp en vies. Ik durfde hem echter niet tegen te spreken en nam keurig zijn wekelijkse ‘cadeau’ aan. Ik spaarde de teentjes in een klein glas en verstopte deze achter in mijn hut. Na een tijdje begonnen de teentjes sprietjes te vormen en begon mijn hut ernaar te stinken. Het was mijn kleine veilige stink haventje in een grote enge mensenwereld.

Zo zocht ik vroeger vaak van dat soort plekjes op. Ik kon uren aan de waterkant zitten, verscholen onder de struiken, of ergens op een tak in een boom. In de kelder bij mijn vriendinnetje, of tussen de spanten van het oude schip. Het waren allemaal schuilplaatsjes waar ik veilig was, waar ik mijn eigen wereldje creëerde. Ik weet niet goed wat ik daar deed eigenlijk. Een beetje kijken en kletsen herinner ik mij. Eigenlijk gewoon ZIJN. Ik herinner mij ook dat het heel zintuiglijk was op die plekken. wat ik rook, hoe het materiaal aanvoelde, wat ik om mij heen zag, de kleuren, het geluid, de geur…Deze plekken voelen nog steeds veilig. Het heeft mij geholpen in mijn proces, om in gedachten terug te gaan naar deze plekken. Ik vind daar rust en troost. Het is een soort niemandsland waar vrede heerst , waar even helemaal niks hoeft en niks kan gebeuren en alles vooral even helemaal OK is.

Nu ik erover schrijf, besef ik mij ook dat mijn bed voor mij ook zo’n schuilplaats is. Daar heb ik dan ook jaren tevergeefs in doorgebracht. ik begrijp wel waarom… lekker veilig

Hadden jullie dat ook vroeger?

lof

willemijntenvelden.com

7 aandacht op -AFWIJZING- op aandacht

afwijzing

 

Dit schreef ik ooit in mijn dagboek…

Ik schoot gisteren sinds tijden weer in een flinke flip. Ik noem het maar even een ‘cocon van zelfdestructie’. Ik stond erbij en ik keek ernaar. ik zag het gewoon gebeuren. Ik ging steeds harder rondtollen in die cocon, tot ik langzaam richting paniek raakte. Maar ik raakte niet in paniek, want ik kon ernaar blijven kijken. Voorheen zat ik echt in die cocon, dacht ik dat ik het was en flipte ik langzaam compleet de pan uit. soort implosie van zelfhaat werd het dan.

What’s keburt?
Ik had een heerlijk avondje gerepeteerd en ging nog even bij een vriend langs, die een jamsessie in een cafeetje leidt. Aan het einde van de avond, er zat bijna geen hond meer, hangt een andere vriend mij een gitaar om en zegt; ‘Zo, laat jij nu ook maar eens wat horen’. (gewoon als aanmoedigingsgrapje)
Eigenlijk voelde ik het toen al ontstaan, maar ik heb het genegeerd. (kom ik zo op terug) Ik ben een nummer gaan spelen, mensen hebben geklapt en ik was af! ik schoot volkomen in de zelfafwijzing. rondtollend in die cocon heb ik afgerekend en ben ik naar huis gegaan. Alsof mijn hele wereld ingestort was! Het klinkt wat overdreven, maar zo voelde het écht. Ook in bed heb ik er nog lang over liggen tollen en zelfs de volgende ochtend werd ik wakker met een gevoel van alles willen opgeven. Met alle muziek willen stoppen en ook nooit of te nimmer meer iets voor iemand spelen!!! (gewoon lekker boos, om het gevoel wat daaronder zit niet te hoeven voelen)

Waar gaat dit over?
Ineens kreeg ik helder wat er nu eigenlijk gebeurt. Het is een overlevingspatroon:
Ieder kind wil gezien worden door zijn ouders. Ik dus ook. Maar mijn moeder was voornamelijk met haar eigen ‘problemen’ bezig en had dus eigenlijk niet echt oog voor mij. Ik voelde me niet gehoord en niet gezien. Iedereen zijn eigen strategie, dus ik de mijne: Ik begon te schreeuwen om aandacht. Ik werd irritant, hysterisch, boos, zeurderig en recalcitrant. want ik wilde aandacht, maar ik kreeg m niet, want niemand luisterde!!! Uiteindelijk kreeg ik wel aandacht, namelijk: Afwijzing. Ik werd het irritante, zeurende kut kind, ik werd met fysiek geweld mijn slaapkamer in geforceerd, afgeschreven als aansteller en herrieschopper. en er werd nooit op terug gekomen.
Daar is de koppeling in mijn hoofd ontstaan.

AANDACHT = AFWIJZING EN PIJN

En dat heb ik braaf overgenomen in mijn mindsets en heb daar later zelf afwijzing voor in de plaats gezet. En dat is wat er gisteren gebeurde: Ik vraag om aandacht (want ik ga een liedje spelen) en dat is ergens al fout! eigenlijk ben ik dan al ‘af’. Maar ook dit is weer zo dubbel, want een ander deel van mij heeft nog steeds honger naar aandacht, als een klein kind. Ik snap ook nu dat ik de theaterschool ben gaan doen; ik wilde gezien worden!! en ik snap ook nu waarom daar geen carrière is uitgekomen; Gezien worden staat voor afwijzing! En ik snap ook nu waarom ik het lastig vind mijn eigen bedrijf echt stevig neer te zetten; Jezelf laten zien staat voor afwijzing!! Schaam je om aandacht te vragen, of, sloof je niet zo uit… het is eigenlijk nooit gewoon even goed voor wat het is.

Dat is dus een knoop waar ik dagelijks in terecht kom eigenlijk:
Het deel van mij dat gezien wil worden en het deel van mij die dit afwijst. Het perfecte recept om vast te draaien in jezelf lijkt mij!

Tompoes, verzin een list… hoe kom ik hier uit?
Eerst maar eens spotten wanneer het gebeurt. Meestal is verder bewust worden van je eigen patroon al een grote stap in een goeie richting…

Hebben jullie hier ook ‘last’ van?
Het lijkt wel een soort auto-immuun- ding… waarmee je steeds je eigen saboteur blijft en voorkomt dat je zelf succes hebt…

Lof

Willemijn

6 ZWERVERSMENTALITEIT

bruine-bonen

ZWERVERS-MENTALITEIT

Wanneer je als kind bent opgegroeid ten tijden van ‘schaarste’, bepaalt dit soms (op onbewust niveau) nog steeds je huidige bestaan. Er zijn verschillende soorten van schaarste. Ik heb het hier met name over aandacht, voor- en nazorg, affectie en warmte.

Wanneer er binnen het gezin te weinig aandacht voor het opgroeiende kind was en de ‘verzorging’ meestal te wensen over liet, had het kind hier gewoon maar genoegen mee te nemen. En dat deed het ook. Dat was de gekende standaard. Het kind werd doorgaans aan z’n lot overgelaten en leerde het zelf maar zien te fixen.

Aan de ene kant word een kind daar erg creatief van. Het leert zijn eigen boontjes doppen, redderen, zelfstandig zijn, knokken, zorgen, lef tonen, overleven, husselen, mooi weer spelen en goedpraten. Op zich allemaal bruikbare kwaliteiten in the pocket 🙂

Aan de andere kant, groeit het kind op, met een zeer lage standaard. Met name laag in wat het zelf waard is voor z’n gevoel. Het gaat niet zozeer om geld waarde, als wel om aandacht en zorg die er (niet) in het kind gestoken werd. Zeer weinig in feite! Ik denk dat dit bij veel disfunctionele gezinnen voorkomt. er wordt niet echt liefdevol of met aandacht, ruimte en begrip voor je gezorgd en je doet het er mee. Je weet aanvankelijk ook niet anders…         (tot je normbesef krijgt, maar daar schrijf ik over in ‘De creatie van mijn lijden’)

Zo groeide ik op bij een verslaafde en getraumatiseerde moeder.(ook zij kwam uit een disfunctioneel gezin en verkeerde zelf doorgaans in gedrogeerde ‘survival-modus)

Wat ik nu erken is, dat ik eigenlijk met heel veel ‘rotzooi’ genoegen heb genomen in mijn leven.Vaak voelde ik mij een soort derde-rangs burger. Ik was als het ware al blij als ik in ieder geval maar een ietsie-pietsie aandacht, tijd, geld, of waardering kreeg, voor de dingen die ik deed, ook al was dit ver beneden peil. Ik had steeds het gevoel net nog niet hard genoeg te werken of snel genoeg te rennen om mezelf waar te maken. Geld vragen voor werken vond ik lastig. Ik solliciteerde vooral onder mijn niveau en schaalde mezelf vervolgens veel te laag in. Of ik dacht maar genoegen te moeten nemen met mensen die verre van respectvol met me omgingen. Toestaan van affectieve aandacht leverde schaamte of schuld op. Geen eerstehands spullen kopen, niet op een dure vakantie gaan…

Als ik er op in zoem, zit overal de gedachte achter dat ik maar blij moet zijn met wat zich in eerste instantie aandient, ook al is dat van belabberde kwaliteit. Het mag niet te veel kosten en zal een ander vooral niet tot last mogen zijn. Ik ben niet gewend om mezelf een hoge standaard te gunnen, simpelweg omdat ik dit niet van huize uit meegekregen heb.

Hierdoor bleef ik eigenlijk steeds op een soort innerlijke ‘zwervers-modus’ hangen en kreeg ik mijn zaakjes niet goed voor elkaar. Mijn onbewuste overtuiging ging over het voortdurend te moeten en horen lijden aan ‘schaarste’. En dat was wat ik dus voortdurend (onbewust) bleef creëren!
Wanneer ik stotterend of overcompenserend mijn eisen voor commitment en  kwaliteit aan de ander stelde, voelde ik me al snel arrogant of een zeurpiet, want dat is wat ik vroeger geleerd had. (en mijn moeder van haar ouders, en die weer van hun ouders etc.)
Ik had geleerd te overleven als zwerver en dat was ergens dus ook wel weer veilig en vertrouwd.

Stel nou dat er overvoed zou zijn? dan was ik daarmee ook mijn ‘veilige’ zwervers-modus kwijt!

(Dan werd het pas echt eng, want dan zou ik mijzelf een nieuwe en een eigen, op mijzelf passende waarde kunnen gaan toekennen… hellup, paniek in de tent, hahaha!)

Na een lange weg van gestruggle, begon ik te zien en te begrijpen, dat deze overgenomen mindsets mij alles behalve hogerop zouden gaan helpen, maar half onbewust werd deze grammofoonplaat toch continue afgedraaid:
‘Je moet er maar genoegen mee nemen, meer krijg je niet, zeur niet zo, je bent het niet waard, ik heb nu ff geen tijd voor je, het is niet anders, je bent een blok aan mijn been, meer is er niet, ik heb geen zin in je, ik heb het zwaar, verwend kind, het komt door jou, laat me met rust, stel je niet zo aan!’…

allemaal stemmetjes in mijn eigen hoofd die mezelf klein hielden.

 

Herkennen jullie dit soort stemmetjes die je klein houden en er steeds voor zorgen dat je jezelf niet de waarde toekent die je eigenlijk weet dat je hebt?

 

Laten we een ander grammofoonplaatje opzetten…

 

MUSICA MAISTRO!!

 

Lof

willemijntenvelden.com

5 DE CREATIE VAN MIJN LIJDEN

moraalridder
DE CREATIE VAN MIJN LIJDEN
Ik snijd een teer punt aan. En dat besef ik mij. Omdat het een taboe is. Omdat het zich liever niet laat roeren. Omdat er niet vrijuit aan gesleuteld ‘dient’ te worden. Vooral niet wanneer het buiten de heersende norm valt. Gevaarlijk dus.
En dat is tevens de hoofdoorzaak van al mijn geheimen, van mijn jarenlange verzwijgen, mijn tevergeefse ‘mooi-weer-spelen’ en stille lijden.
Ik ben een hippie-kind. Geboren in de begin jaren zeventig, waarin alles moest kunnen en iedereen maar wat raak experimenteerde. Ik was nog geen 8 jaar oud, toen een familielid besloot mij seksueel in te wijden. Haarfijn liet ze mij zien hoe ik mezelf vaginaal moest bevredigen en ook leerde ze mij hoe ik dat bij haar kon doen.
Puur vanuit mijn eigen perspectief was er eigenlijk niet echt iets vreselijks aan de hand. Dit was gewoon wat het was in feite. Ik kan me zelfs ook nog herinneren dat ik er vrijuit met andere kinderen over had gesproken!
Pas later kregen dit soort herinneringen langzaam maar zeker een geheime sluier. Ik begon mij te meten aan hoe andere mensen dit soort dingen deden, wat zij er van vonden, hoe ze over zaken dachten, wat volgens hen normaal was en wat vooral niet. Wat ze veroordeelden vanuit de alom heersende overtuigingen die ze van elkaar overnamen. Ik werd mij bewust van de norm en dat heeft een hoop aanvankelijk niet-beladen ervaringen, met terugwerkende kracht een zeer zware lading meegegeven!
Ook dit was olie op het vuur voor mijn gevoel van schaamte, mijn geheimen, het opbouwen van een dubbelleven, mijn leugens, mijn fantasieen, mijn vluchtgedrag, mijn rot gevoel, mijn schuldbesef, mijn slechte geweten, mijn spijt, mijn wantrouwen, mijn angst, mijn strijd, kortom; mijn LIJDEN.
Zowel de ervaringen die na dit moment van ‘normbesef’ ontstonden, als wel herinneringen aan eerder beleefde ervaringen werden vanaf dat moment en met terugwerkende kracht langs een andere en verborgen maat gemeten…
En ik heb het hier niet over herinneringen die mijn gevoel van veiligheid bedreigden, of mij fysiek pijn of gevaar brachten. Die spelen echt in op een ander level naar mijn idee…
Persoonlijk loop ik alles behalve te koop met dit ‘inwijdingsritueel’, omdat ik het jaren lang heb weggestopt vanuit schaamte. Op dit moment vind ik het nog steeds lastig om aan het licht te brengen, vanuit angst op veroordeling van alle kanten en partijen.
Deze gedachten zetten mij vooral volkomen vast en gevangen in een voorgekauwde perceptie van mijn eigen ervaring!
Als volwassene zelf, veroordeel ik dit familielid op wat ze deed. Ik schat ook in dat ze onder invloed was en het op de een of andere manier deels ook voor eigen genot deed. Ze heeft mij met iets opgezadeld, wat ik op dat moment nog niet zelf kon overzien. Ik heb daar een ethische bezwaren tegen. Maar waarom eigenlijk?
Stel nou dat die ethiek er niet was geweest?
Dan hadden wij het als volwassene niet veroordeeld en daarmee de kinderen ook geen gevoel van schaamte bezorgd. Ik zeg dit niet omdat ik vind dat alle fatsoen en respect vanaf nu over boord moet, maar als ik er vanuit dit perspectief naar kijk, vind ik het wel boeiend om over na te denken. En ik begrijp het ook wanneer dit weerstand oproept. Dat doet het bij mij ook.
Wanneer je er vanuit gaat dat ons besef van normen en waarden de geboorte van schaamte inluidt en daarmee ons lijden activeert…
Daarvan uitgaande, lijkt het mij interessant om eens naar die ‘normen’ en ‘waarden’ te kijken. Wie bepaalt deze eigenlijk? Is dat een collectief onbewust overgedragen afspraak in gedrag? In hoeverre wordt deze bewust en onbewust gevormd door de heersende politiek en handel? Ben ik het er eigenlijk wel mee eens? Wat vind ik zelf eigenlijk van belang? Durf ik buiten de lijntjes te kleuren, of wordt dan mijn kop eraf gehakt? We blijven immers kuddedieren, of niet…?
Ok, het is misschien een wat extreem voorbeeld, maar voor mij heeft het veel voor mezelf duidelijk gemaakt. In feite zijn we de godganse dag onderhevig aan die zogenaamde ‘kleurplaat’.
“Niet buiten de lijntjes hoor!”
De kleding die je draagt, het huis dat je (niet) koopt, de carriere die je opbouwt, de kinderen die je krijgt, de studie die je afmaakt, het pand dat je kraakt, de school die je kiest, het vlees dat je eet, de schuine schaats die je reed, de muziek die je beluistert, de man die je liefhebt, de hakken die je draagt, de verhalen die je vertelt, de abortus die je pleegt, het nieuws dat je kijkt, de partij waarop je (niet) stemt, het instrument dat je (niet) bespeelt, de gedichten die je schrijft, het goede voorbeeld dat je geeft, het soort drugs dat je neemt, de grappen die je maakt, de god die je (niet) aanbidt, de blauwtjes die je liep, de emoties die je (niet) uit, het lied dat je uit volle borst meezingt op de fiets, je lievelingsgerecht, de schnitt van je schaamhaar, de boeken die je leest, je vakantiebestemming, je vijandenkring, het aantal watt van je gloeilamp, je merk tandpasta, je natte droom, de moord die je pleegt, je verwachtingen, je verlanglijstjes, your worst nightmare, je prins op het witte paard…
Just think about it for a moment.
Ga er eens voor zitten en probeer van alle hierboven genoemde dingen eens te achterhalen, waarop jij jouw keuze van smaak/mening/oordeel/overtuiging/geloof gebaseerd hebt. Gewoon voor de gein. Van wie heb jij dit over genomen, wie heeft het bepaald, voorgeleefd, ingefluisterd of afgedwongen. Door wie liet jij het voorschrijven, sturen, voorkauwen of opleggen? En laat jij je hierbij in de luren leggen door precies het tegenovergestelde dat je kiest? Dat is immers niets meer (of minder) dan een tegenreactie gebaseerd op exact hetzelfde, slechts een compensatie binnen de dualiteit!
Zijn er ook dingen bij die uit een ander vaatje lijken te komen? Waar gaat dat dan over?
Naar mijn idee zijn het de onbewust overgenomen normen, die ons het strakste inbinden in wat wij als lijden beleven. Ze zorgen ervoor, dat het gevoel ontstaat dat het buiten de lijntjes niet goed is. Slecht en verwerpelijk. Pas op, want u dreigt te worden verbannen uit de gemeenschap.
Het is vooral niet OK.
Dus we leren er alles aan te doen om vooral maar binnen die lijntjes te blijven. Ook al druist dit totaal tegen onze natuur in!
Dit begint al bij hoe velen van ons onze kinderen (onbewust) behandelen en opvoeden. We leren ze in de maat lopen, aanpassen, indimmen, napraten, opvolgen, afmeten en inkakken.
Een toepasselijk gebeuren:
Gisteren bracht ik mijn dochters naar bed. Bij het welterusten kussen, vroeg één van mijn dochters of ik even met haar wilde tongzoenen. Ik zei dat ik dat niet wilde. Ze vroeg me waarom. (op dat soort momenten probeer ik razendsnel te denken, en zodoende een zo goed mogelijk antwoord te geven) Ik zei dat ze dat mocht bewaren voor iemand waar ze verliefd of was. Waarop ze direct lachend zei, dat ze toch verliefd op mij was, haar eigen mama! (und jetzt?, hahaha) Ik zei dat dat niet echt iets is, wat ouders en kinderen met elkaar doen, maar dat ze dat later met een jongen van haar eigen leeftijd zou kunnen proberen (hmmm, daar ging ik al… het kon net zo goed een meisje zijn natuurlijk en wie was ik om de leeftijd voor haar zo in te kaderen, of dat ze hier persé verliefd voor moest zijn?) Vervolgens zei ze met een verongelijkte blik; ‘Maar mama, dat is toch ráár, ik heb in jouw buik gezeten, bij jouw plassertje, ik heb uit jouw borsten gedronken en in jouw water gezwommen, maar dan wil je niet met mij tongzoenen!’
Het voelde hierdoor alsof ik haar regelrecht afwees! Ik heb haar in mijn armen genomen en verteld hoeveel ik van haar hou en dat ze inderdaad helemaal uit mij komt en dat ik haar tong niet vies vind, maar dat ik niet met haar ging tongzoenen.
Dat laatste stond als een paal boven water. En nog steeds. Maar het heeft me wel aan het denken gezet. Als ik zo helder mogelijk probeer te kijken naar de reden dat ik het niet heb gedaan en ook niet zal doen, gaat dit over schaamte. Ik wil haar de schaamte besparen, die ik zelf heb ervaren toen ik mij begon te beseffen wat de heersende norm was. Hierdoor kan een geheel onschuldig voelen van elkaars tong ineens bij wijze van spreken een traumatische inslag krijgen, doordat het als taboe verzwegen en afgekeurd dient te worden…
Best raar eigenlijk, als je er zo naar kijkt, wat wij in deze doen met onze perceptie van de waarheid en onze beleving van onze eigen ervaringen…
In hoeverre laten wij dan onze beperkte overtuigingen en oordelen, klakkeloos overgenomen van generatie op generatie, roet in het eten gooien van ons eigen geluk, van onze eigen zorgeloos vrije beweging door het leven!?
Hoe zou het zijn wanneer die lijntjes van de voorgedrukte kleurplaat niet meer onbewust zo’n invloed op jouw keuzes zouden hebben?
Food for thought…
LOF
Willemijntenvelden.com
P.S.
Stel, ik maak één correctie in mijn schrijven. Namelijk, dat genoemd familielid geen vrouw, maar een man was. Verandert dit iets aan jouw perceptie?

4 Ik durf niet dat jij mij ziet

ik-durf-niet-dat-jij-mij-ziet

Dillemma:
Aan de ene kant het verlangen dat je gezien wordt, vanuit een behoeftig gevoel van gemis als kind. ‘kijk mama, wat ik kan, kijk naar mij, zie mij!’ Een aai over je bol willen voelen en weten dat de ander het fijn vindt dat je er bent. je geborgen voelen en mogen vragen, mogen leunen, je gewicht mogen geven aan de ander.
En aan de andere kant de totale angst om gezien te worden in al je kleuren. Je verschrompeld voelen bij het idee alleen al! jezelf van tevoren alvast afwijzen, zodat de ander je hierin niet meer kan raken. jezelf verstoppen, isoleren. Enkel een paar kleuren laten zien waar je een soort van zeker genoeg van bent.

Deze constante tegenbeweging is zwaar vermoeiend en houdt je gevangen in een grijs gebied. Net niet te depressief en net niet echt vrolijk.

Angst op falen (afwijzing)
en angst op stralen als de zon (goedkeuring)

Zichtbaar worden, kleur bekennen, naar buiten komen en laten zien wie ik ben. Dit heeft een risico.
Zou dat risico ‘leven’ heten?

In de overleef-stand probeer je alle risico’s zo klein mogelijk te houden. Maar wat nou, als je ervoor kiest om van over-leven naar leven te gaan? Dat ‘leven’ houdt blijk baar risico’s in…

Ben je bereid om die aan te gaan?

Durf je je eigen angsten onder ogen te zien en uit te dagen?

Kan je het je voorstellen, dat je jezelf aan de hand neemt en de wijde wereld intrekt? Het gebeurt in ontelbare verhalen…
Een jongeling trekt de wijde wereld in, om te ervaren, om te leren, om tot wasdom te komen.

Ergens onderweg heb ik de overtuiging gecreeerd, dat ik groot respect voor mijn eigen angsten moet hebben. Wat levert dit eigenlijk op?

NOPPES

Ik kan er ook anders naar kijken:
Achter mijn angst ligt de mogelijkheid tot groei. Dus angst is een goeie raadgever!

En natuurlijk hoef je niet in één stap vol in je ‘trauma’s’te gaan staan harken. Relax! no hurries… Op reis ga je ook stapje voor stapje immers.

Ik Heb de pelgrimage naar Santiago de Compostela gemaakt en besefte mij. Je begint met je eigen straat uit te fietsen, dan de stad, dan het land en drie landen verder, begint de bestemming pas in zicht te komen…

Op reis gaan met je eigen angst.
Best uitdagend toch?

Voor mij staat dit jaar voor kleur bekennen.
En ik ga stoeien met alle angst die daarbij komt kijken.

Ik zie het voor me als kermis attractie!

Waarom ga je daar eigenlijk in? Als het niet spannend zou zijn, zou het toch ook rete- saai en onuitdagend zijn?

De angst geeft ook de sjeu, de overwinning, het gevoel van leven en groei.

Vanuit het ego (gericht op overleven) begrijp ik dat angst een zeer serieuze aangelegenheid is. Maar je kan daar natuurlijk ook heel anders naar kijken. Ik kan ook zeggen; ‘Goh, alles waarop ik angst voel, ga ik eens even lekker bekijken en uitpakken, want daar zit vast wel een mooi stukje mogelijkheid tot groei in verpakt.’

Velen van ons zijn zo gewend om onze angst met fluwelen handschoentjes aan te pakken en te omzeilen.

Waar ben je nou in wezen bang voor?
Wat blijft er over van je reeele angs, wanneer je deze tot op het bot afpelt voor jezelf?

Bij mij gaat het over afwijzing.
Maar wie wijst wie af?
Waarom laat ik me afwijzen?
Om veilig ‘klein’ te kunnen blijven?
Wil ik dat?
Kies ik daarvoor?

ik ben bang van niet…
😉

LOF

willemijntenvelden.com

3 Mind the gap

mind-the-gap

Wanneer je in Londen met de metro gaat, lees en hoor je regelmatig ‘Mind the gap’. Hiermee wordt bedoeld, dat je moet oppassen dat je niet tussen de wagon en het perron valt bij in- en/of uitstappen. Deze uitspraak heeft mij geholpen in mijn proces, en ik zeg deze nog steeds tegen mezelf als soort van Mantra.

Wanneer wij als kind al op jonge leeftijd te veel verantwoordelijkheid hebben moeten leren dragen, ontstaat er een kloof. Tussen enerzijds jouw gezonde behoeftes, die bij jouw leeftijd horen en aan de andere kan de zogenaamde ‘straatwijsheid’ die je jezelf eigen hebt gemaakt ter overleving. Om het ven in contrast naast elkaar te zetten: Als kind van 6 heb je behoefte aan zorg, veiligheid, begeleiding, ondersteuning en lichamelijke nabijheid van je ouders, maar in plaats daarvan moest je de dingen in je uppie rooien, voor jezelf zorgen en alleen naar bed. (maar wel mooi weer spelen naar de buitenwereld)

Wat ik heb gemerkt is, dat ik hierdoor al heel vroeg super zelfstandig en super ‘wijs’ was. Vergeleken met mijn klasgenootjes liep ik op iedereen voor wat dat betreft. Hierdoor werd ik ook een soort spil van de klas. Als er problemen waren kwamen ze naar mij. Moest er iets opgelost worden kwamen ze naar mij. Was ergens lef voor nodig, kwamen ze naar mij. Was er ruzie, sprong ik er tussenin. Ik werd een soort combinatie tussen moedertje en vechtersbaasje van de klas. Achteraf hoorde ik dat veel kinderen tegen mij opkeken en mij bewonderde.

En dat patroon heeft mij later in het leven de das bijna om gedaan. In de klas, op het werk, tijdens de studie… Ik was overal de sterke, stoere, lieve, grappige, gangmakende, betrouwbare, dappere, strijdende, loyale spil. En zo werd ik dus ook behandeld. Ik kon wel wat extra studielast dragen, schepje meer verantwoordelijkheid aan, ik kon wel een stootje hebben, want ik was immers zo optimistisch en stevig…

NOT

Van binnen voelde ik mij miserabel, depressief, angstig, nutteloos, vies, stinkend, woest, negatief, laf, klein, zielig, verdrietig en belachelijk.

Van jongs af aan was ik gewend de rol van de volwassene te pakken, de leider, de zorger, de voortrekker, de aanjager, de opvanger, de aanstuurder etc., maar in feite was ik gewoon nog een klein verdrietig, boos, bang en behoeftig kind. Smachtend naar aandacht, steun en een knuffel.

In mijn leven is de kloof tussen deze twee delen in mezelf steeds groter geworden. Naarmate ik ouder werd en meer levenservaring opbouwde op mijn volwassen deel, kwam dit kleine meisje in mij steeds minder mee. Het voelt totaal schyzofreen, om een leidinggevende functie te vervullen, terwijl je eigenlijk panisch bent voor inter-menselijk contact op het niveau van een meisje van 6! En ja, Daarom ben ik waarschijnlijk de theaterschool gaan doen. Dit heeft mij perfect verder getraind in het spelen van de juiste rol op het juiste moment, in iedere willekeurige situatie. En zo bleef het kleine angstige meisje in mij steeds verder achter. Totdat ik haar bijna uit het zicht was verloren…

Gelukkig heb ik haar weer opgevist uit het water en gaan we nu stapje voor stapje weer de verbinding aan. Dit proces vind ik soms pijnlijk, omdat ik in bepaalde situaties dus reageer als een eerste klasser! Ik word getriggerd door bizarre dingen, heb emotionele uitschieters op kleuterniveau en moet onder ogen zien dat ik vanuit die rol ook mijn leven totaal niet op de rit krijg. Wanneer ik in die kind-rol schiet, krijg ik niks voor elkaar, durf ik niks, kan ik niks…

Voorheen had ik mezelf hiervoor een schop onder mijn eigen reet gegeven. Dat hielp echter op den duur niet meer. De rek was eruit. Ik bedenk me nu: Ik zou mijn kinderen van 6 jaar oud ook niet met een briefje van 20 de deur uit schoppen om boodschappen te gaan doen! Want zo is het op dat moment; ik wordt echt even dat hulpeloze kind. Nu probeer ik dat even ruimte te geven en daarna als het ware mijn volwassen deel er weer bij te roepen en te vragen of ze het kindsdeel in mij wil begeleiden voor deze boodschappen.

Dit werkt voor mij, stapje voor stapje, super goed!

De Willemijn, die zichzelf vanuit overleving in verschillende delen had gesplitst, wordt zo langzaam weer één. Maar ‘Mind the gap’. Het blijft een aandachtspunt om deze twee delen samen te laten werken, want vanuit automatisme doen ze dat niet, omdat ze elkaar niet konden gebruiken vroeger.

Ook hoor ik dan zo’n Britse meneer op beleefde toon dit zinnetje uitspreken. ‘MIND THE GAP’. Het woord ‘mind’ vind ik ook zo mooi… het heeft niet iets van PAS OP! Of een moeten, of iets fout doen ofzo… in tegendeel; het voelt als een vriendelijke reminder. Met mildheid. Dat is wat het voor mij nodig heeft.